R. de Waard - Y. Eijk

KNSB


26... Pc5+ 27. Ke3 Mijn tegenstander miste een kleine tactische wending welke op het eerste gezicht een pion wint. Na een analyse lijkt het niet meer dan een mooie verliespoging. 27. Kf3 geeft een gelijke stelling. 27... Lxf4+?! 28. Kxf4 Pd3+ 29. Ke3 Pxc1 30. a3 Ke5 31. Kd2? Deze zet verliest. Zwart wint nu met zijn koning het veld c3 waardoor het paard weer terug kan keren in het spel. 31. b4! Pa2 (31... Kxd5 32. Kd2 En wit wint het paard.) 32. Kd3! Een mooie stelling. Zwart kan zijn koning en paard niet bewegen zonder dat het paard aan de rand verloren gaat. Als het paard naar c1 speelt dan volgt Kc2 en na ....Kxd5 volgt natuurlijk Lb3+. Als de zwarte koning weggaat van e5 kan het verder niet meer in een zet op d4 komen om c3 te veroveren voor het paard. De enige zetten die overblijven zijn pionzetten, het nadeel hiervan is dat deze vaak opraken. 32... b6 33. Lf3 Ik kan eigenlijk geen redding meer vinden voor zwart, ik denk gewoon dat wit hier wint. Een voorbeeld: 33... b5 34. g3 g5 35. Ld1 h6 36. Lf3 h5 37. h4 g4 38. Ld1 Pc1+ 39. Kc2 Pa2 40. Kb2 Kxd5 41. Kxa2 e5 31... Pa2 32. b4 32. Kd3 Deze zet is nu te laat, nu pakt zwart veld c3 met de b-pion waarna het paard terug kan keren naar het centrum. 32... a5! 32... Kd4 De partij is nu over. 33. Lg4 b6 34. Lc8 a5 35. bxa5 bxa5 36. Le6 Pc3 37. Kc2 Pxd5 38. Kb3 Pb6 39. Lf7 g5 0-1